Zoeken
Dit onderzoek is nodig om te bepalen of er in de bodem nog niet ontplofte resten van de 2e wereldoorlog aanwezig zijn. Dit onderzoek gebeurt met magnetometers, metaal detectoren en digitale detectie voertuigen. Speciale apparatuur waarmee de resten worden opgespoord. Deze worden (later) handmatig of met een beveiligde graafmachine opgegraven.
Afhankelijk van of er resten in uw perceel worden opgespoord en welke dit zijn heeft u hier geen, weinig of veel last van.
De voorgenomen dijkversterking kan gevolgen hebben voor de bestaande bomen. Bomen hebben een ‘kwetsbare zone’ waarin de boom groeit en wortels
voorkomen. Indien in deze ‘kwetsbare’ zone veranderingen zijn (zoals ophogen van het maaiveld of het aanbrengen van damwand) ontstaat het risico dat de boom onherstelbaar beschadigd raakt en gekapt moet worden. Om de hoeveelheid bomenkap te beperken is het van belang dat in een vroegtijdig stadium duidelijk wordt waar welke bomen staan en wat de kwaliteit hiervan is. Dit onderzoek wordt uitgevoerd door groenspecialisten die buiten een ronde doen. Die inventariseren alle bomen binnen het projectgebied. De onderzoeker bekijkt de bomen op het hele (toekomstige) dijtraject. Hij meet (soms) de dikte van de stam en schat de gezondheid en waarde van de bomen in
Wat ziet of merkt de omgeving ervan?
Tijdens het veldbezoek lopen medewerkers van of namens Arcadis over het perceel. Hierbij beoordelen we gericht de aanwezige bomen en bijbehorende foto's waarop de bomen zijn weergegeven.
Dit onderzoek vindt plaats om te bepalen of deze objecten aanwezig zijn in, op of langs de dijk. Dit kunnen bomen zijn, maar bijvoorbeeld ook keerwandjes, funderingen of kelders van woningen.
De inspecteur bekijkt het gebied door er doorheen te lopen en noteertalle objecten. Soms graaft hij handmatig een kleine kuil of doet een boring omondergrondse objecten te kunnen zien. Deze gaten worden direct weerdichtgemaakt.
Dit onderzoek doen we om te bepalen of het werk aan de dijk effect heeft op de rivier en in welke mate dit gevolgen kan hebben voor bijvoorbeeld de scheepvaart of voor het afvoeren van rivierwater richting de zee.
In de meeste gevallen gebeurt dit onderzoek achter het bureau. Soms zijn goede landmeetkundige opnamen nodig om de exacte hoogte van de grond te bepalen.
Met een stikstofonderzoek wordt onderzocht wat de verwachte stikstofdepositie (een moeilijk woord voor uitstoot) is die veroorzaakt wordt door een project, zoals een dijkversterking. Dit onderzoek vindt plaats door een bureaustudie. Hiervoor is een speciale reken techniek: de zogenaamde Aerius berekening. Eventueel leidt de uitkomst van de berekening tot een vervolg onderzoek door een ecoloog. Ook kan de uitkomst leiden tot het aanvragen van extra (natuur) vergunningen. U merkt als bewoner niet direct iets van dit onderzoek, omdat het achter de computer wordt gedaan.
Voordat de werkzaamheden aan de dijk starten, meten we de beweging van de panden langs de dijk. Daarvoor benaderen we eigenaren panden aan de dijk toestemming om in de gevels van hun panden meetpunten te plaatsen. Dat zijn kleine metalen boutjes. Met deze vaste meetpunten meten we voor, tijdens en na de werkzaamheden de eventuele bewegingen (hoogteverschillen) van het pand. Tijdens de uitvoering blijven we de metingen volgen en kunnen we meten of de beweging toeneemt ten opzichte van de natuurlijke beweging.
Door deze metingen kunnen we eventuele schade snel en goed vaststellen. En de aannemer kan zo snel maatregelen nemen om de kans op meer schade kleiner te maken. Een onafhankelijke partij die eventuele schade afhandelt, kan de metingen ook gebruiken.
We meten tot en met 3 jaar na oplevering van de werkzaamheden. Door ervaring weten we dat binnen drie jaar mogelijke schade te zien of te meten is. De metingen worden uitgevoerd nabij de werkzaamheden aan de dijk.
Kort voor de start van de werkzaamheden maken we foto’s van de panden. Dat doen we binnen en buiten. Dat geldt ook voor de funderingen en kelders. Met de foto’s leggen we voor het oog vast wat op dat moment de staat is van de panden. We maken hierover vooraf afspraken met de eigenaren.
Afhankelijk van de techniek die de aannemer toepast voor de dijkversterking, kunnen trillings- en of geluidsmetingen nodig zijn. Voorafgaand aan de werkzaamheden aan de dijk, worden de bewoners geïnformeerd over de gekozen techniek. De overlast die u kunt ervaren kan verschillen van enige tot ernstige overlast, afhankelijk van de hoeveelheid geluid of trillingen.
Hier staat informatie hoe u ons kunt helpen om de onderzoeken te laten slagen.
Als u aan de dijk of in de buurt van de dijk woont, moet het waterschap of de onderzoeker soms op uw perceel komen. Uiteraard stemmen we dit vooraf met u af. Na het doen van het onderzoek laten we de locatie achter zoals we die aantroffen. Dit geldt voor alle uit te voeren onderzoeken. Als er onverhoopt schade optreedt dan lossen wij dit op en geldt onze schaderegeling.
U woont misschien al langer aan de dijk, weet iets over het verleden en heeft kennis van de lokale situatie. Deze kunt u altijd meegeven aan de onderzoekers.
Voor de meeste onderzoeken is het van belang dat de te onderzoeken locaties bereikbaar zijn per auto met aanhanger. Hierin vervoeren wij materialen die nodig zijn voor de het nemen van de monsters, meetapparatuur en afgenomen monsters.
Hier vindt u de vraag en antwoorden omtrent de conditionerende onderzoeken.
Dit kan verschillen. Soms zijn het mensen in dienst van het waterschap, maar vaak besteden wij onderzoeken uit aan gespecialiseerde bureaus. Zij hebben hiervoor bijvoorbeeld geavanceerde apparatuur.
Of iemand overlast of hinder ervaart is niet voor iedereen gelijk. Wij hebben een inschatting gemaakt hoeveel hinder wij verwachten dat u van de onderzoeken kunt ervaren. Dit geven we aan door de titel van de onderzoeken een kleur te geven.
🟩 = weinig tot geen hinder
🟧 = enige hinder
🟥 = ernstige hinder