IJs en het waterschap
Veel mensen zijn dol op schaatsen op natuurijs. Als het water in ons gebied bedekt is met een goede ijsvloer, binden velen de ijzers onder voor een heerlijke tocht. Het waterschap draagt de ijspret een warm hart toe. Daarom houden we bij het beheren van de waterpeilen zo veel mogelijk rekening met de vorming van goed schaatsijs. Maar hoever gaat dat? Hoe zit het met de vissen onder het ijs? En met welke risico's moet je als schaatser rekening houden in de omgeving van gemalen?
Op deze pagina's trachten we u een zo compleet mogelijk beeld te geven van wat het waterschap wel en niet doet. Heeft u desondanks suggesties voor aanvullingen? Laat het ons dan weten via [email protected]

Welke maatregelen neemt het waterschap bij vorst?
Als er meerdere dagen aanhoudende matige vorst is ('s nachts en overdag onder -5 graden Celsius) komt de ijscoördinator van het waterschap in actie. Hij zorgt ervoor, dat collega's van de buitendienst maatregelen nemen om de ijsgroei te bevorderen. Waar dat kan, zetten we gemalen uit. En stuwen worden zo ingesteld dat de stroming van het water minimaal is. Maar hierbij kijkt het waterschap niet alleen naar de belangen van de schaatser. De waterkwaliteit en waterkwantiteit van de wateren die in beheer zijn van De Stichtse Rijnlanden staat voorop. Vijzelgemalen lopen de kans stuk te vriezen. Daarom moeten deze geregeld kort draaien.
Maatregelen voor vissen
Voor vissen kan langdurige ijsbedekking in combinatie met een sneeuw- of baggerlaag soms dodelijk zijn. Als er wekenlang geen licht door het ijs schijnt, kunnen planten gaan rotten. Hierdoor hebben vissen niet meer voldoende zuurstof tot hun beschikking.
Op plekken waar dit in het verleden speelde, houden medewerkers van het waterschap de situatie in de gaten. Bij langdurige ijsbedekking wordt elke twee dagen het zuurstofgehalte van het water gemeten. Zo nodig schuiven medewerkers van het waterschap sneeuw weg of maken ze grote wakken. Maatregelen worden altijd in overleg met betrokkenen genomen.
Waar groeit ijs het snelst?
In het algemeen geldt: hoe minder stroming in het water, hoe sneller het ijs aangroeit. En hoe ondieper het water, hoe sneller het bevriest. Smalle sloten zullen daarom eerder dichtvriezen dan stromende rivieren, zoals de Kromme Rijn. En het Amsterdam-Rijnkanaal vriest alleen in Elfsteden-winters dicht.
Ook bij gemalen is er stroming, waardoor het ijs daar vaak onbetrouwbaar is. Schaats bij voorkeur op door ijsverenigingen gecontroleerde plekken en vermijd ijs in de omgeving van gemalen, ook al draaien ze niet. Het waterschap probeert ijsgroei te bevorderen, maar we kunnen geen garantie geven dat het ijs overal dik genoeg is om op te schaatsen. Het inschatten van veiligheid is aan u zelf.
Vaarverbod
Als de ijsvloer meer dan twee centimeter dik is, kan de ijscoördinator een vaarverbod afkondigen. Daarmee voorkomen we dat schepen het ijs kapot varen. Het waterschap is vaarwegbeheerder van onder meer de Grecht, de Linschoten, de Montfoortsevaart, de Wierickes, de Gekanaliseerde Hollandsche IJssel, de Leidsche en een deel van de Oude Rijn. Kijk voor een volledig overzicht op de pagina Varen.
Als de dooi weer intreedt...
Als het 's nachts en overdag weer dooit, heft het waterschap het vaarverbod weer op en gaan stuwen en gemalen weer werken als normaal.
Meer informatie
Informatie over betrouwbaar natuurijs en tochten is te vinden op de site van de KNSB