HDSR

Zoeken

Primaire keringen

In het gebied van De Stichtse Rijnlanden liggen twee primaire waterkeringen:

  • de dijken van de Neder-Rijn en de Lek, tussen Amerongen en Schoonhoven (55 km).
  • De noordelijke Hollandse IJsseldijk en de Meerndijk (21 km). Deze dijk keert niet direct water, maar heeft alleen een functie voor het geval de Lekdijk doorbreekt. In 2017 start een procedure om deze dijk de status van regionale kering te geven.

De Neder-Rijn en Lekdijk beschermt niet alleen het gehele gebied van De Stichtse Rijnlanden tegen overstromingen van de rivier, maar ook een groot deel van de Randstad. Achter de dijk wonen en werken meer dan een miljoen mensen. De gevolgen van een doorbraak van deze dijk zijn enorm: vele honderden slachtoffers en miljarden aan economische schade. Daarom moet de dijk aan strenge eisen voldoen.

Per 1 januari 2017 gelden nieuwe normen voor de primaire waterkeringen in Nederland. Uitgangspunt daarbij is dat voor alle Nederlanders een zelfde veiligheidsniveau voor overstromingen geldt. Voor elke Nederlander moet het uitgangspunt zijn, dat de kans dat hij overlijdt aan de gevolgen van een overstroming ten hoogste 1: 100.000 per jaar is.

Voor de Neder-Rijn en Lekdijk in het gebied van De Stichtse Rijnlanden geldt per 1 januari 2017 een strengere norm. Achter deze dijk wonen en werken namelijk relatief veel mensen en de gevolgen van een overstroming (schade, ontwrichting van de samenleving) zijn groot. De kans dat de dijk faalt en het gebied erachter overstroomt mag niet groter zijn dan 1:30.000 per jaar, dat wil zeggen dat het gebied achter de dijk niet vaker mag overstromen dan 0,00003 maal per jaar.

Om aan deze nieuwe normen te voldoen start het waterschap in 2017 met het dijkversterkingsproject Sterke Lekdijk.

Toetsing

In 2023 moet het waterschap voor de eerste maal toetsen, of de Neder-Rijn en Lekdijk aan de nieuwe strenge eisen voldoet. Bij de laatste toetsing in 2010/2013 voldeed de Neder-Rijn en Lekdijk aan de toen geldende normen. De noordelijke Hollandse IJsseldijk en de Meerndijk zijn bij die laatste toetsing afgekeurd. Ze zijn twee tot drie meter te laag.

Leggers van de primaire keringen

De ligging en afmetingen van de primaire keringen zijn vastgelegd in leggers, dit zijn verzamelingen kaarten en profielen. De leggers zijn belangrijk bij het bepalen of voor activiteiten als bouwen, graven of planten op de dijk vergunning moet worden aangevraagd. Bekijk de pagina Leggers van watergangen en keringen.

Beheer

De veiligheid van primaire keringen wordt voor een belangrijk deel bepaald door het soort beheer dat wordt uitgevoerd. Een stevige, onbeschadigde grasmat is van het grootste belang. Het weiden van vee kan negatieve gevolgen hebben voor die grasmat en kent daardoor beperkingen. Ook is in de winter het risico van hoogwater groter, vandaar dat er van 1 oktober tot 1 maart niet gewerkt mag worden aan de dijk. In het Beheersplan primaire waterkeringen beschrijft het waterschap hoe het wil omgaan met beheer en onderhoud.