HDSR

Zoeken
Zoek op alfabet

‘Energie en grondstoffen uit slib steeds beter benutten’.

Het slib van de rioolwaterzuiveringsinstallatie Utrecht wordt ook vanaf 2017 weer verwerkt door Slibverwerking Noord-Brabant (SNB). Dat is de uitkomst van een aanbestedingstraject dat De Stichtse Rijnlanden dit voorjaar heeft georganiseerd. SNB verwerkt het Utrechts rioolslib ook nu al, vanaf 2017 gaat het echter om ongegist slib: de zuivering in Utrecht wekt vanaf die datum niet langer eigen biogas op. Een vraaggesprek met hoogheemraad Constantijn Jansen op de Haar en SNB-directeur Marcel Lefferts over de hernieuwde samenwerking.

Met het niet langer zelf vergisten van het slib verliest De Stichtse Rijnlanden een flinke opbrengst aan eigen opgewekt biogas. Wat zijn nu de ambities van het waterschap als het gaat om duurzaamheid?

Constantijn Jansen op de Haar: ‘Die ambities zijn eigenlijk onveranderd, alleen: we wekken de energie niet langer zelf op. Bij de aanbesteding hebben we daarom ook duidelijke duurzaamheidscriteria meegegeven: CO2 footprint, milieu-effecten van het transport en social return waren naast de kosten doorslaggevend. De winnaar SNB verwerkt ons slib nagenoeg energieneutraal en timmert ook aan de weg als het gaat om de terugwinning van grondstoffen uit het slib, zoals fosfaat. Wat mij betreft werken ons waterschap en SNB de komende jaren aan het steeds beter benutten van de energie en grondstoffen uit het slib.’

Hoe realiseert SNB dit duurzaamheidsstreven?

Marcel Lefferts: ‘Het is voor ons bedrijf een continue uitdaging om, tegen de laagst mogelijke maatschappelijke kosten, het slib zo duurzaam mogelijk te verwerken. Met de recente plaatsing van twee hogedrukstoomketels en een turbine zijn wij nagenoeg energieneutraal geworden: in één klap produceren we negen keer zoveel energie dan eerst.

Ook met grondstoffen hebben we grote ambities. We hebben sinds kort een contract met een buitenlands bedrijf dat fosfaat gaat winnen uit ons restproduct, de as. Dit is voor dat bedrijf interessant omdat we alleen maar zuiveringsslib verwerken en daardoor een as produceren met een constante kwaliteit en een relatief hoog fosfaatgehalte. Daardoor is de as geen afval, maar een waardevolle grondstof die we kunnen verkopen. En dat scheelt weer in de kosten voor onze klanten!

Voor ons is ook belangrijk om als ketenpartners, steeds te blijven kijken naar de optimalisatie van de totale keten. Op die manier gaat het vergroten van de duurzaamheid hand in hand met het verminderen van de kosten. Het gaat immers om belastinggeld, dus we streven voortdurend naar de laagste ketenkosten; de beste investering van iedere euro.’

SNB heeft recent een prijs gewonnen, kunt u daar wat meer over vertellen?

Lefferts: Dat was een prijs van een tijdschrift voor de energiesector, Power Engineering International (PEI). Zij hebben ons bekroond voor het beste energiehergebruikproject van Europa, het Midden-Oosten en Afrika. Dat is om twee redenen: allereerst voor de innovativiteit van de techniek, de optimalisatie van de warmteterugwinning met twee hogedrukketels en een stoomturbine in de verbrandingsinstallatie. Maar ook de aanpak van dit project was een reden voor de prijs: we hebben het project in een hele korte tijd gerealiseerd, terwijl de installatie gewoon in bedrijf bleef. Onze klanten hebben van de hele operatie niets gemerkt. We gaan het hier overigens niet bij laten: we werken aan de plaatsing van een tweede turbine. Dan gaan we zelfs stroom leveren aan het net!’

Veel ambities dus. Dat vraagt wel wat van de samenwerking de komende tien jaar. Wat zijn de intenties?

Lefferts: ‘Allereerst gaan we natuurlijk ons best doen om ervoor te zorgen dat De Stichtse Rijnlanden een tevreden klant blijft. Met tevreden klanten heb je doorgaans niet veel contact, omdat in de meeste gevallen alleen bij problemen contact wordt gemaakt. Maar om samen te ontwikkelen is het natuurlijk wel nodig om elkaar te treffen, en ideeën te bespreken en uit te werken. Dus mijn idee is: laten we elkaar in de komende periode regelmatig spreken en goed op de hoogte blijven van elkaars intenties en ontwikkelingen. Daarom is bij deze het Algemeen Bestuur van de Stichtse Rijnlanden uitgenodigd om nader kennis te maken met ons bedrijf en de installatie. Eén van de dingen waar wij op korte termijn al over van gedachten willen wisselen zijn onze ideeën over het verduurzamen van het slibtransport.

Jansen op de Haar knikt bevestigend: ‘Elkaar regelmatig spreken, daar kan ik me alleen maar bij aansluiten. De uitnodiging kan ik dan ook namens het Algemeen Bestuur van harte aannemen. De wereld van de slibverwerking is enorm in beweging. Er zijn zoveel ideeën, zoveel initiatieven. Wij moeten elkaar de komende tien jaar goed scherp houden.’


Lefferts, JodH en Poelmann tijdens de ondertekening van het contract

Marcel Lefferts (l), Constantijn Jansen op de Haar (m) en dijkgraaf Patrick Poelmann tijdens de ondertekening van het nieuwe contract.