Over het peilbesluit

Hoogheemraadschap De Stichtse Rijnlanden heeft het peilbesluit Utrecht-Maarssenbroek herzien. Binnen beheergebied Utrecht-Maarssenbroek liggen twaalf te onderscheiden gebieden (Hoograven, Kanaleneiland, Kromme Rijn (deels), Lage Weide, Lunetten, Maarssenbroek, Overvecht-Noord, Overvecht-Zuid, Utrecht Stad, Tuindorp, Voordorp en Zuilen), waarvan er acht eerder zijn vastgelegd in een peilbesluit en vier nog niet. Voor al deze gebieden is een nieuw peilbesluit opgesteld omdat de geldigheidsduur van de peilbesluiten is overschreden of omdat er nog niet eerder een peilbesluit is vastgesteld. Het peilbesluit valt binnen de gemeenten Utrecht, Stichtse Vecht, Bunnik, Nieuwegein en de Bilt.

Waarom een peilbesluit en geen watergebiedsplan?

In een peilbesluit wordt juridisch vastgelegd wat de slootpeilen in een gebied zijn, welk peilbeheer er wordt gevoerd en op welke wijze de peilen worden gehandhaafd. In het plangebied liggen geen grote knelpunten in en/of grote opgaven op het watersysteem. Om deze reden is er voor gekozen om geen watergebiedsplan op te stellen voor dit gebied, maar een peilbesluit.

Partners

Gemeenten hebben een wettelijke zorgplicht ten aanzien van grondwater. Dit betekent dat ze maatregelen nemen om structurele grondwaterproblemen in het openbaar gemeentelijke gebied zoveel mogelijk te voorkomen of te beperken. Door het instellen van oppervlaktewaterpeilen kunnen de grondwaterstanden worden beïnvloed. Het plangebied voor de peilbesluiten van Utrecht en Maarssenbroek bestaat voor een groot deel uit stedelijk gebied (circa 75%). Aanvullend speelt Rijkswaterstaat als kwantiteit -en vaarwegbeheerder van de oppervlaktewateren Merwedekanaal, Vaartsche Rijn en een stukje van de stadsbuitengracht (Catharijnesingel), waarop het oppervlaktewatersysteem van het waterschap aansluit, een belangrijke rol bij het waterbeheer in Utrecht.

Dit vraagt om een nauwe samenwerking tussen de gemeenten, Rijkswaterstaat en het waterschap, zodat knelpunten tijdig en volledig gesignaleerd worden. De gemeenten Utrecht en Stichtse Vecht en Rijkswaterstaat zijn dan ook als partner betrokken geweest bij het tot stand komen van het peilbesluit.

De projectgroep en klankbordgroep

Het peilbesluit is in overleg met de projectgroep (begeleidingsgroep) vasgesteld. De projectgroepbestond uit medewerkers van het waterschap (beheerders en experts) en vertegenwoordigers van de gemeente Utrecht, de gemeente Stichtse Vecht en Rijkswaterstaat. De laatste drie partijen zijn intensief betrokkenbij het proces. Het waterschap had kennis en gegevens van de gemeenten nodig heeft voor het opstellen van het peilbesluit. Verer was er ook een klankbordgroep samengesteld uit belangengroepen en collega overheden die een relatie hebben met het plangebied. Via deze groep zijn de partijen gedurende het planproces betrokken en geïnformeerd over de richting en voortgang.

In de klankbordgroep zaten: Provincie Utrecht, Hoogheemraadschap Amstel, Gooi en Vecht (Waternet), Gemeente Bunnik, Gemeente De Bilt, Vitens, Prorail, Utrechts Landschap, Universiteit van Utrecht, LTO.
Daarnaast zaten de externe partijen die in de projectgroep zitten ook in de klankbordgroep.


Zie ook

Algemene informatie over peilbesluiten vindt u hier.

Meer weten?

Neem dan contact op met Marije van Bergen, projectleider van peilbesluit Utrecht-Maarssenbroek. Telefoon: (030) 634 59 13. E-mail: bergen.m@hdsr.nl.