De Leidsche Rijn - Oude Rijnroute

Haanwijkersluis

Een van de wateraanvoerroutes is de route via de Leidsche en Oude Rijn. Via deze route wordt water vanuit het Amsterdam-Rijnkanaal en de Enkele Wiericke naar Bodegraven aangevoerd. Aan en nabij deze route zijn verschillende maatregelen nodig. Het lokaal ophogen oevers bij Harmelen, het plaatsen van een inlaat (een waterstaatkundig kunstwerk, dat in de waterkering is gelegen en dat bedoeld is om (vers) water in de polder te laten) bij gemaal Haarrijn en het vervangen bruggen nabij Fort Wierickerschans in NIeuwerbrug.

Online presentatie plannen bruggen in Nieuwerbrug

Het waterschap wil de twee bruggen in de Enkele Wiericke bij Nieuwerbrug vervangen. De plannen hiervoor zijn beschreven in een ontwerp-projectplan. Als alternatief voor de geplande inloopavond op 23 maart, vindt u hier de online presentatie over de plannen en de impact ervan op de omgeving.

Bruggen in Nieuwerbrug: een flessehals in de route

Bij inzet van de KWA voert het waterschap via de Enkele Wiericke water aan van de Gekanaliseerde Hollandsche IJssel naar de Oude Rijn. Bij de plek waar de Enkele Wiericke uitkomt in de Oude Rijn liggen twee bruggen over de Enkele Wiericke. De bruggen vormen een knelpunt in de route, omdat ter plekke onvoldoende water doorgevoerd kan worden.

Het waterschap wil de twee bruggen, de fiets- en de autobrug, vervangen. De plannen hiervoor zijn beschreven in een ontwerp-projectplan. Tot en met 6 mei 2020 is het mogelijk om te reageren op dit ontwerp-projectplan. Meer informatie over het plan en de inspraak, vindt u in de link hieronder.

Plaatsen inlaat bij gemaal Haarrijn

Het waterschap gaat een waterinlaat aanleggen bij gemaal Haarrijn. Voordeel van deze inlaat (een waterstaatkundig kunstwerk, dat in de waterkering is gelegen en dat bedoeld is om (vers) water in de polder te laten) is dat het water dat hierdoor ingelaten wordt, rechtstreeks uit het Amsterdam-Rijnkanaal komt. Tijdens de inzet van de KWA is het peilbeheer (Beleid waarmee het waterpeil in een bepaald gebied (vaak één of meerdere polders) wordt gereguleerd) van deze polder niet meer afhankelijk van water uit de Leidsche Rijn. Dat water is immers nodig om West-Nederland van water te voorzien.

Ja, ik wil op de hoogte blijven

Wilt u op de hoogte blijven van de ontwikkelingen langs de Leidsche Rijn en Oude Rijnroute? Geef dan uw gegevens aan ons door:

Wilt u meer informatie over dit project, neem dan contact op met de omgevingsmanager Martijn Oosting, T. 06 2029 4006 of E: MartijnOosting@hdsr.nl

Lokaal ophogen oevers bij Harmelen

Als de KWA in werking is, pompt gemaal De Aanvoerder water vanuit het Amsterdam-Rijnkanaal in de Leidsche Rijn. Om voldoende water richting Bodegraven te kunnen aanvoeren moet het waterschap voldoende hoogteverschil creeëren tussen het begin van de route bij De Meern (Utrecht) en Bodegraven. Dit gecreeëerde hoogteverschil zorgt voor hogere waterstanden en een grotere stroomsnelheid.

De oevers langs de Leidsche en Oude Rijn moeten deze peilen en stroomsnelheden wel aankunnen. Het waterschap heeft uitgezocht op welke plekken verbeteringen nodig zijn. De oever en/of beschoeiing (Lage oeverbekleding, bestaande uit vrijwel verticale wanden van hout, betonplaten of staal) is op een paar plekken te laag. Tijdens de inzet van de KWA kan op deze plekken wateroverlast (situaties waarin mensen overlast ondervinden als gevolg van te veel water) optreden. Deze overlast houdt in dat water uit de rivier door golfslag over beschoeiingen heen kan stromen en/of dat het terrein grenzend aan de rivier langdurig drassig kan worden.

Om deze overlast in de toekomst te voorkomen zal de oever op verschillende plaatsen worden opgehoogd. In een deel van Harmelen zal het waterschap het ophogen van de oever combineren met het ophogen van de dijk langs de Leidsche en Oude Rijn.