Waterschap: bouw niet in diepste putje van polder Rijnenburg

Gepubliceerd op 31 maart 2020

Voor het bouwen van woningen is Rijnenburg niet de meest voor de hand liggende locatie, maar met de juiste uitgangspunten kan het wèl. Zorg dan dat de woningen op de hogere delen komen te staan en dat kwetsbare infrastructuur hoog wordt aangelegd. Dat zegt het college van Hoogheemraadschap De Stichtse Rijnlanden in een brief aan minister Stientje van Veldhoven voor Milieu en Wonen.

Als het gaat om waterveiligheid in Utrecht is Rijnenburg niet de meest voor de hand liggende plek om te bouwen. Rijnenburg komt bij een dijkdoorbraak van de Lek of Hollandse IJssel snel onder water te staan. De waterdiepte varieert daarbij van 0,5 tot 2,5 meter. De hoge delen in het zuiden van de polder zijn daarom de beste plek om te bouwen; de lagere delen in het noorden zijn het meest geschikt voor waterberging (Proces waarbij na bijvoorbeeld hevige regenval overtollig rivierwater in een opvangplek kan lopen, waarbij dit water wordt bewaard voor drogere tijden).

Klimaatbestendig bouwen vanaf het begin

De brief van het college is het resultaat van een motie die het algemeen bestuur van het waterschap op 4 maart unaniem aannam. Daarin riepen de AB-leden het college op om vóórdat rijk, gemeente en provincie afspraken maken over woningbouw in Rijnenburg, hen uitgangspunten voor een klimaatbestendig watersysteem mee te geven. Dat is het principe van het werken als één overheid: ook water als uitgangspunt nemen bij ruimtelijke planning. Het college wil graag vanaf het begin van de planontwikkeling betrokken worden bij eventuele woningbouw in Rijnenburg en de Ruimtelijke Strategie Utrecht. Zo kan een robuust en volhoudbaar watersysteem in Rijnenburg tot stand komen.