Hoogheemraadschap de Stichtse Rijnlanden

Veilige dijken

Om veilig te kunnen wonen en leven hebben we veilige dijken nodig. De belangrijkste waterkering in ons gebied is de dijk van de Nederrijn en de Lek, tussen Amerongen en Schoonhoven. De Lekdijk beschermt de Randstad tegen hoog water vanaf de rivier. De kleinere dijken in het westelijk deel van ons gebied, de kaden, houden de polders droog.

De waterkeringen in het gebied van De Stichtse Rijnlanden

Kaart waterkeringen: dijken en kaden.
Foto: Lekdijk

Kaart waterkeringen beheergebied De Stichtse RijnlandenLekdijk- foto Ben de Haas

Klik op de afbeeldingen voor een groter formaat

Waterkeringen zijn verdeeld in belangrijke dijken: de primaire waterkeringen en kleinere dijken of kaden: de regionale en overige waterkeringen. De primaire keringen in het gebied van De Stichtse Rijnlanden zijn:

  • De belangrijkste dijk is de Lekdijk, tussen Amerongen en Schoonhoven (60 kilometer).
  • De noordelijke Hollandse IJsseldijk en de Meerndijk (21 kilometer).

Daarnaast beheert het waterschap:

  • 316 kilometer regionale keringen, zoals de kaden langsde Wiericke en de Grecht. De regionale keringen liggen in het westen van het beheergebied van De Stichtse Rijnlanden.
  • 271 kilometer overige keringen, zoals de kaden vande Schalkwijkse Wetering en de Kromme Rijn

Meer informatie vindt u bij Soorten waterkeringen

Maatregelen om overstromingen te voorkomen

Om overstromingen te voorkomen, controleren we op gezette tijden de dijken en kaden in ons gebied. Eventuele zwakke plekken verbeteren we. Veiligheid staat daarbij voorop. Daarom zijn we altijd alert bij dreigende situaties zoals hoog water, storm of droogte. Ondanks alle maatregelen is Nederland niet gegarandeerd (100%) veilig. Het waterschap zorgt voor de volgende maatregelen:

  • Dijken zo veilig mogelijk houden. Dat voorkomt een mogelijke doorbraak, die tot een overstroming kan leiden.
  • Bij doorbraak is het van belang de schade te beperken. Daar dienen onder meer de dijkringen voor.
  • Wanneer de dijk toch doorbreekt komen de calamiteitenteams in actie

Het controleren van de dijken

Hoe blijft een dijk veilig? Het waterschap controleert regelmatig of de dijken nog hoog en stevig genoeg zijn om het water tegen te houden. Dat gebeurt op verschillende manieren:

  • Elke vijf jaar wordt gemeten of de dijken en kaden nog voldoen aan de normen. Als dat niet zo is worden ze opgehoogd.
    Zie ook: Kadeverbetering
  • Drie maal per jaar wordt de Lekdijk gecontroleerd op scheuren of zwakke plekken: in april, juli en oktober. Twee keer per jaar controleert het waterschap de kaden.
    Meer hierover leest u bij: De controle: schouw
  • Eigenaren van een perceel op of bij een dijk of kade dragen bij aan de veiligheid van het achterliggende gebied. Zij zijn verantwoordelijk voor een deel van het onderhoud. Ook moeten ze bij activiteiten op of bij de kade rekening houden met beperkingen. Voor bijvoorbeeld het planten van bomen, graafwerk of bouwwerkzaamheden is een vergunning van het waterschap nodig. Kijk ook bij de Wegwijzer vergunningen.
  • Muskusratten ondergraven kaden die direct aan het water liggen en worden daarom bestreden door de muskusrattenvangers van het waterschap
    Zie: Muskusrattenbestrijding

Dijkringen bieden meer veiligheid

Om risico, en schade, bij een onverhoopte overstroming te beperken is ons land opgedeeld in compartimenten: dijkringen. Het gebied van de Stichtse Rijnlanden ligt in drie dijkringen: 44 (gebied ten oosten van het Amsterdam-Rijnkanaal), 15 (de Lopikerwaard) en 14 (groot deel van de Randstad). Lees meer over dijkringen bij Soorten waterkeringen.

Een bredere kijk dan alleen de dijk: Ruimte voor de rivier

Een betere bescherming tegen overstromingen vanuit de Lek betekent niet automatisch het verhogen van de Lekdijk. Daarom participeren we als waterschap ook in het project Ruimte voor de Lek. Dit project valt onder het landelijke programma Ruimte voor de Rivier, opgezet door de Rijksoverheid.
De rivieren krijgen door de klimaatsverandering veel meer water te verwerken. Dat heeft gevolgen voor de waterstand en de dijken. De uiterwaarden van de Lek worden opnieuw ingericht. De Lek krijgt meer ruimte, zodat de rivier de groeiende hoeveelheid water kan verwerken. In het gebied wordt ook nieuwe natuur aangelegd, waardoor het gebied aantrekkelijker is voor wandelaars en fietsers.
Meer informatie: Ruimte voor de Lek

Wat gebeurt er bij hoog water of droogte?

De dreiging van hoog water in de Lek onstaat vooral door een combinarie van smeltwater en regenval. Zo'n situatie leidt tot verhoogde paraatheid. De calamiteitenteams komen in actie en er worden extra inspecties uitgevoerd door bijvoorbeeld het dijkleger. Het dijkleger bestaat uit medewerkers van het waterschap die normaal gesproken op kantoor werkzaam zijn.

De regionale keringen lopen risico wanneer het langdurig regent of juist erg droog is. In het eerste geval stijgt het waterpeil en neemt de druk op de kaden toe. In het tweede geval bestaat er kans op scheurvorming, en daarmee op een kadebreuk. Ook dan komen de calamiteitenteams in actie en zijn er extra inspecties en eventueel reparaties.  In een aantal gevallen kunnen watergangen worden afgesloten.


 

 

 

 
Naar boven